06 mei 2026
Maidenspeech Linda Wijnalda
Linda Wijnalda deed 6 mei haar maidenspeech over de verplaatsing van de dagopvang en sprak daarbij over steun en stigma.
Een maidenspeech is de allereerste toespraak die een nieuw lid van een volksvertegenwoordiging houdt.
Maidenspeech Linda Wijnalda:
"De ware maat van een samenleving is te vinden in hoe zij haar meest kwetsbare leden behandelt. " Een zin die zo goed samenvat waarom ik de politiek in wilde. Werken aan een samenleving waar we samen zorgen voor elkaar. Waar we naar draagkracht bijdragen, maar vooral opkomen voor dat wat kwetsbaar is, zoals rechten voor dieren en het beschermen van de natuur. Streven naar een wereld waar het niet gaat om het recht van de sterkste, machtigste of rijkste, maar waar we diversiteit, inclusie en gelijkwaardigheid omarmen. En de zorg voor dakloze mensen is daar ook een onderdeel van.
Als tiener werd één van mijn beste vriendinnen depressief. Als 15 jarige was dit best heel heftig, vooral omdat zij een periode niet meer wilde leven. Zij haalde gewoon 9-ens op Latijn of Frans, was heel lief, slim en sociaal, maar ze was heel depressief. Ondanks dat zij nog langere tijd in haar leven psychische klachten heeft gekend, is het ook een sterk steunsysteem dat haar steeds op de been heeft gehouden.
Op mijn 19e kwam ik tijdens mijn opleiding Social Work te werken in de verslavingszorg. Ik werkte toen op een intensieve woontraining voor mensen, die vaak vanuit dakloosheid of een jarenlange verslaving, op alle facetten van het leven ondersteuning kregen naar zelfstandigheid. Inmiddels werk ik bijna mijn halve leven, bijna 19 jaar, in de verslavingszorg. En ik heb daar inmiddels honderden mensen uit allerlei milieus mogen behandelen en begeleiden. Van hoogleraren tot lassers, Ouders van en kind van iemand. Mensen met dromen, ervaringen en een verhaal.
Maar de wereld van harddrugsverslaving en dakloosheid is hard, waar mensen vaak meer moeten overleven dan kunnen leven. En velen zijn door hun problematiek en verslaving mensen kwijtgeraakt of verdoven juist de pijn van verlies en trauma. Dat steunsysteem die mijn vriendin heeft geholpen, veel dakloze mensen hebben die niet of niet meer. En hulp accepteren is lastig. Helemaal als je merkt hoe er in de maatschappij naar je wordt gekeken als je verslaafd en dakloos bent.
Want juist als wij willen dat deze doelgroep hulp gaat accepteren, is stigma, discriminatie en het gebrek aan steun en mededogen een belemmerende factor voor herstel. Een slecht zelfbeeld, sociale isolatie, zelfstigma, en schaamte zorgen ervoor dat men minder motivatie krijgt en minder snel hulp zoekt. En dit maakt die dagopvang zo belangrijk. Een plek waar mensen niet worden gestigmatiseerd. Waar ze even tot rust komen, waar ze even gezien worden. En dit kan net het zetje zijn dat ze nodig hebben om verdere hulp te accepteren. Een klein beetje steun ervaren die zij zo missen.
Want er wordt nog steeds over deze doelgroep gepraat als iets waar we niet mee geconfronteerd mogen worden. Ook nu wordt er opgeroepen om ze maar aan randen van de stad op bijvoorbeeld een industrieterrein neer te zetten. Voor sommigen helpen prikkelarme omgevingen, zoals bij Skaeve Huse. Maar we moeten echt oppassen dat we niet dat wat 'als smet op de maatschappij wordt gezien' onzichtbaar maken. Dit onzichtbaar maken zien we over de hele wereld bij de omgang met vluchtelingen, asielzoekers, andersgelovigen en minderheden, vroeger al in Nederland in de koloniën van weldadigheid en ook bij de 400 miljoen tot vee gemaakte dieren die we in dit land elk jaar in dichte stallen uit het zicht houden. En dat verstoppen, wordt soms ook van anderen verlangd: ''Je mag wel homo zijn, maar doe gewoon normaal, kus niet op straat, want ik hoef er niet meer geconfronteerd te worden.'' Dit vind ik gevaarlijk. Want wat voor de één als 'ongemakkelijk' wordt ervaren, is voor de ander een noodzaak om te kunnen overleven. Door dit ongemak heen moeten wij, als samenleving, juist herkennen waar het knelt, betrokken raken, empathie tonen en de pijnpunten in onze maatschappij erkennen. En dan zullen we soms juist merken dat we meer gemeen hebben met elkaar dan dat we verschillen. Dit geldt voor dakloze mensen, maar ook voor mensen uit andere culturen, met andere geloven en zeker weten ook voor de dieren.
En ja, Ik pleit uiteraard voor de stappen uit het actieplan dakloosheid: Housing First, Skaeve Huse,goede ketenzorg. Maar laten we ook inzetten op de dagopvang, als steunpunt en poort naar verdere hulpverlening. Uiteraard met een goed veiligheidsplan als voorwaarde voor de start van de opvang. Uiteraard met goede samenwerking tussen hulpverlening, OOV en omwonenden. Zodat zij daar ook prettig en veilig kunnen blijven wonen. Dit is ook heel belangrijk. En bemoeizorg een plek geven op die locatie, zodat zij ook korte lijnen kunnen hebben met de dagopvang vinden wij een heel goed idee. Daarom dienen we motie 7, van PRO, graag mede in.
En ik wil afsluiten met een fragment uit een gedicht van de Groningse dichter Willemijn van de Walle. Ik kocht deze ooit op een kaartje op Grasnapolsky, omdat het mij zo aansprak. Ik vind hem heel passend, omdat we juist in een samenleving onze ruimte moeten delen:
Grond
We trekken onze linialen in de strijd
om grenzen te verhalen
Op anderen die net zoveel meer
of minder moeten aarden
We zijn groot
grondverbruikers
Het verschil tussen vol en volk
is één letter.
Dankjulliewel.