Prohef: struc­turele aanpak werke­loosheid


17 maart 2014

Werkloosheidsbestrijding vraagt radicaal andere koers
Accijns op arbeid is onverantwoord

Probleemanalyse

Dit jaar stijgt de werkloosheid in Groningen volgens het CPB van 10% naar 11,4%, dat zijn meer dan 31.000 werkzoekenden zonder baan. Verborgen werkloosheid onder ZZP-ers maakt het beeld nog schrijnender. De Kamer van Koophandel meldt zoveel ZZP-ers met een lege orderportefeuille, dat sprake is van landelijk meer dan 100.000 extra werkzoekenden. Buiten de statistieken wachten ze op betere tijden, terwijl de vaste lasten steeds zwaarder drukken Ze hebben geen recht op een WW-uitkering. Als ze een werkende partner en/of een eigen woning hebben zelfs niet op bijstand. Ook in hopeloze situaties waarin de woning onverkoopbaar is, de hypotheek ver onder water staat en gebaseerd is op een dubbel inkomen.

Verborgen werkloosheid doet zich ook voor onder parttimers die extra uren willen maken en jongeren die vluchten in stapelstages bij gebrek aan betaald werk. En de overheid laat reguliere werkzaamheden uitvoeren door bijstandsgerechtigden als vorm van “tegenprestatie”. Een participatiesamenleving waarin steeds minder mensen kunnen participeren en waarin de kloof tussen arm en rijk, kansrijk en kansloos groeit.

Een samenleving in grote verwarring met ernstige allocatieproblemen. Noodzakelijk werk blijft ongedaan, zoals een adequate zorg voor mensen en dieren die daar dringend op aangewezen zijn. Hulpverleners in thuiszorginstellingen en bejaardenhuizen worden massaal naar huis worden gestuurd, ook in het Noorden zullen verzorgingshuizen door de bezuinigingen gedwongen moeten sluiten, terwijl de zorgbehoefte sterk toeneemt.

Wat drijft een samenleving met talloze onvervulde hulpvragen tot het uitsluiten van een aanzienlijk deel van de beroepsbevolking van het arbeidsproces? Terwijl deze mensen betaald moeten worden, via een uitkering?

Arbeid in Nederland is onbetaalbaar geworden. Als gevolg van massieve loonheffingen die in feite een accijns op arbeid vormen. Neemt een werkgever personeel aan, dan geldt dat hij op een modaal netto-inkomen van €1866,- per maand nog eens €1011,- (= 54%) aan loonheffingen moet toeleggen. MKB ondernemers kunnen dat risico niet nemen, een logische oorzaak van stijgende werkloosheid.

De oplossing: prohef

Arbeid kan gemakkelijk fors goedkoper worden, zonder dat de nettolonen en koopkracht dalen. Juist nu het kabinet haar hoofdpijndossiers, zoals werkloosheidsbestrijding en jeugdzorg, over de schutting van de gemeenten gooit, is het de hoogste tijd voor nieuwe vormen van werkloosheidsbestrijding.

Er is een beproefd systeem om de loonkosten te verlagen: PROHEF. Eind jaren ’90 door Kamerlid Balkenende geduid als een geniale oplossing voor een niet bestaand probleem. Omdat er toen geen werkloosheidsprobleem, maar een tekort aan arbeidskrachten was. Inmiddels is de tijd rijp het systeem alsnog in te voeren. Wanneer de gemeente de loonheffingen voorschiet via een budgetneutrale subsidie, kunnen ondernemers met minder risico en kosten personeel aannemen.

Om de lagere overheidsinkomsten te compenseren voor het wegvallen van loonheffingen, kan een heffing worden ingevoerd op de geboekte resultaten, enigszins vergelijkbaar met de wijze waarop de BTW georganiseerd is. Dit is echter geen ‘consumentenbelasting’, maar een producentenheffing achteraf, in ruil voor de lagere loonkosten.


De consument zal er weinig van merken, het ondernemersrisico neemt drastisch af en de werkgelegenheid kan eindelijk toenemen, omdat ondernemers niet langer beboet worden voor het aannemen van nieuw personeel.

Bovendien wordt research direct gemiddeld zo’n 30% goedkoper, omdat daarover geen heffing over nodig is. Omdat meer werkgelegenheid zorgt voor minder uitkeringsgerechtigden, ontstaat in de gemeenten vervolgens budgettaire ruimte om de productieheffing geleidelijk te verminderen.

De voorgestelde fiscale herziening, waarin loonheffingen verlegd worden naar een productieheffing, kan tegelijk een duurzame economie bevorderen. Duurzame inkoop en productie worden beloond met een lagere productieheffing. Voor de overheid kan dat kostenneutraal.

De uitvoerbaarheid en werkgelegenheidseffecten van dit PROHEF-systeem zijn gunstig beoordeeld in praktijkexperimenten. Macro-economische toetsing door CREED (UvA) leerde een verwachte stijging van het BNP met 10% in enkele jaren. Juist nu gemeenten via de decentralisatie verantwoordelijk worden voor het werkgelegenheidsbeleid, kan met de verlaging van de loonkosten het werk weer betaalbaar worden voor elke werkgever, zonder loonsverlaging voor de werknemer.

Voorstel

De Partij voor de Dieren vraagt, naar aanleiding van bovenstaande de raad:

Het college te verzoeken:

  1. Een voorstel op te stellen voor het invoeren van PROHEF in de gemeente Groningen;
  2. Dit voorstel voor het einde van 2014 voor te leggen aan de raad.

Met vriendelijke groet,

Gerjan Kelder

Partij voor de Dieren

Help mee aan een beter Groningen!

    Word actief Doneer