Herijking Nieuw Lokaal Akkoord


2 oktober 2013

In de eerste plaats welverdiende complimenten voor wat er in de afgelopen jaren is bereikt. Het feit dat we dat kunnen in deze stad, zo goed samenwerken en elkaar vinden, zoals in de stukken staat, geeft vertrouwen voor de toekomst.

Volkshuisvestelijke doelen blijven beschikbaarheid, betaalbaarheid en kwaliteit van wonen en leven. Op dit laatste thema wil ik verder ingaan aan de hand van de onderwerpen duurzaamheid, zorg en maatschappelijke participatie. Duurzaamheid wordt vaak op een smalle manier uitgelegd, als voornamelijk energiebesparing. Voor corporaties is dat laatste nu moeilijk, zeker gezien het feit dat energiebesparende maatregelen financieel ten goede komen van de huurder, terwijl de corporaties voor de kosten moeten opdraaien. Het is mooi dat er toch nog wat stappen worden gezet, het project hoogspringers, ik vroeg me af of de gemeente hier ook een rol in zou kunnen spelen, samen met bijvoorbeeld Grunniger Power samen. Graag een reactie van de wethouder.

De Partij voor de Dieren hamert altijd nogal op het belang van groen voor de woon- en leefkwaliteit. Dat is niet voor niks: groen levert behuizing voor vele soorten dieren en heeft talrijke voordelen voor het wonen in de stad. Zeer belangrijk voor bijvoorbeeld menselijk welzijn en tav temperatuurreductie en fijnstofopname. Alhoewel agv gemeentelijke plannen talrijke bomen het loodje leggen, is het college wel aardig overtuigd van het belang van een groene stad en compenseert. Langzamerhand lijkt dat belang bij de corporaties ook wel door te dringen, maar zou daar toch graag vanuit de corporaties wat meer van horen. Wordt bij een wisseling van bewoners een slordig tuintje nog steeds snel geplaveid? Hoeveel belang wordt er gehecht aan kundige hoveniers, groenbeheerders, die weten wat ze moeten snoeien en wat niet, en wanneer het broedseizoen is. Niet alleen voor de dieren, maar ook voor de inwoners van deze wijken is een levendige omgeving met dieren en planten heel belangrijk. Tegenwoordig trekken steeds meer dieren naar de stad, omdat het platteland zo intensief agrarisch bewerkt wordt. Die belangrijke rol van de stad als leefomgeving voor dieren betekent voor de corporaties een nieuwe verantwoordelijkheid. Hoe staan die daarin? In welke mate speelt dit thema bij hen? En in welke mate wil het college dit onderwerp bij de herijking een nieuwe, grote waarde toekennen?

Ik vraag dit ook naar aanleiding van een kort fragment uit de Voedingsvisie van de gemeente Groningen uit september 2012, waarin wordt ingegaan op het gebruik van gif bij het beheer van groen. Daaruit blijkt dat de corporaties hier nog een slag zouden moeten slaan. Het gebruik van gif voor het doden van zgn. onkruid en ongedierte an sich is al niet aan te raden, maar met name het gebruik van gif in woonwijken is zeer ongezond. Die stoffen die bedoeld zijn om kleine beestjes en plantjes dood te maken zijn nl even slecht voor mensen. Kankerverwekkend, vruchtbaarheidverminderend, dat soort dingen. Kan dit bij het Nieuw Lokaal Akkoord in het kader van duurzaamheid aan de orde komen?

Zorg en participatie. In dit stuk wordt ook ingegaan op nieuwe burgerinitiatieven en het belang daarvan, zoals moestuintjes, soms door de gemeente gefaciliteerd. Speelt een kleine rol in de voedselvoorziening, maar kan ook een heel belangrijke sociale rol vervullen in een wijk, vooral in Noordamerikaanse steden. En dat hebben we hier natuurlijk ook gezien met Tuinindestad. Die cohesie is misschien wel echt nodig vanwege de bezuinigingen in de zorg. In hoeverre gaan college en corporaties hier samen optrekken?

Met betrekking tot zorg zijn er nog andere ontwikkelingen. De extramuralisering bijvoorbeeld, die tot gevaarlijke situaties kan leiden. Hoe denkt men hiermee om te gaan?

Jan Rotmans is hoogleraar op het gebied van oa duurzame economie en hij schetst een aantal wegen richting een duurzame toekomst. Eén daarvan is een nieuw maatschappelijk organisatienivo, wat hij samenredzaamheid noemt, eigenlijk een middenweg tussen zelfredzaamheid en solidariteit. Transition town is daar een voorbeeld van. De thuiszorg wordt in sommige steden steeds meer op deze wijze georganiseerd. Vanuit de buurt voor de buurt, waarbij veel nadelen van de grote thuiszorgorganisaties met hun managementlagen wegvallen. In de brief staat ook dat de corporaties een belangrijke rol vervullen in de sociale strukturen in sommige wijken en bij een eerdere nla bijeenkomst is ook wel eens gesproken over de noodzaak nla gelden in te zetten voor meer zorggerichte projecten – of producten. In hoeverre en zo ja op welke wijze zien corporaties en college hier een rol voor henzelf weggelegd?

Tot slot, Lefier is bezig met kangoeroewoningen. Daar zou de komende jaren wel eens veel behoefte aan kunnen ontstaan. Kunnen de corporaties daar nog even op ingaan? Voorts sluiten we ons aan bij de vraag van dhr. Dijk SP naar het toch maken van streefaantallen op het gebied van woningen, zoals sociale huurwoningen en jongerenhuisvesting.

Help mee aan een beter Groningen!

    Word actief Doneer