Concept programma regionaal kompas


18 maart 2013

We leven in een maatschappij waarin veel mogelijk is en waarin mensen de vrijheid hebben om hun eigen keuzes te maken. Dat is een groot goed. Maar we kunnen niet verwachten, dat iedereen in die vrijheid kan bepalen wat de juiste keuzes zijn voor hemzelf, of zijn omgeving. Sommigen hebben daar hulp bij nodig en dan is het belangrijk dat we als gemeente deze steun kunnen bieden. Wat we zien in het programma regionaal kompas, is de doorgaande lijn met een weg die we al ingeslagen waren: die van het activeren en participeren. Het is goed om te zien dat dit soort zaken verweven worden in de uitvoering van diverse gemeentelijke taken voor de stadjers en, in dit geval, de hele provincie.

Het programma laat zien, hoe participatie een positieve spiraal teweeg kan brengen, door bijvoorbeeld naasten te helpen als participatievorm. En er zijn trajecten mogelijk in het werkleven. Maar, meneer de voorzitter, die mooie participatieplannen uit dit stuk kunnen op deze manier helemaal niet waar gemaakt worden. Tenzij er ergens extra geld gevonden wordt. We weten dat juist in die voorzieningen gesneden wordt, die mensen makkelijk aan het werk houdt. Bovenop alle andere bezuinigingen, moeten er keuzes gemaakt worden in wat we wel en niet kunnen doen. Ik ben benieuwd of de Wethouder al een manier in gedachten heeft om financiering te vinden voor het in het plan genoemde participatietraject en wat daarvoor dan moet wijken? Het maken van keuzes komt te meer naar voren bij het wegvallen van veiligheidsmiddelen. Om toch de veiligheid te kunnen borgen, zal dus ergens anders 5 ton weggehaald moeten worden, of er moet nog creatiever om worden gegaan met minder middelen. Als commissie en raad zullen we de komende tijd dus waarschijnlijk moeilijke keuzes moeten gaan maken. En door de onduidelijkheid over de beslissingen uit het rijk, is het plan sowieso, zoals al in het stuk vermeld, zo onzeker als wat.

We constateren dat de gestelde doelen qua ambitie nogal uiteenlopen en bovendien weinig concreet zijn. Wordt het op het ene vlak volstaan met een af- of toename, is er bij bijvoorbeeld opvang gesteld dat niemand meer op straat slaapt, terwijl in 2010 nog zo’n 800 mensen in ieder geval maandelijks buiten moesten slapen. Is dit verschil in ambitie een bewuste keuze voor speerpunten? Een plan is ook, om instellingen te verplichten om onderling het aanbod tegen het licht te houden en afspraken te maken over wie wat doet. Hoe moeten wij het ‘verplichten’ voor ons zien? Worden er sancties aan verbonden? Verder willen we nog even opmerken dat de visclub als voorbeeld noemen voor participatie, voor ons een no go is. Mensen helpen via het mishandelen van dieren, vinden wij gewoon niet oké.

Dan even een puntje van technische aard: de tabellen waren tamelijk onleesbaar, dat moet toch beter kunnen in Word. Ook vinden we woord- en zinkeuze soms wat opvallend, zoals: “de zogenaamde zorgmijders zullen in mindere mate een fenomeen zijn, immers je kunt zorg mijden als zorg zelfstandig zichtbaar is”en “participatie is niet verplicht, maar ook niet vrijblijvend”. En hulpverleners worden outreachende case managers. We zien door de beeldspraak de woorden soms niet meer.

Ik wil graag positief eindigen. Het is ten eerste positief dat meerdere instellingen en personen geconsulteerd zijn en bovendien cliënten zelf in het traject ook veelvuldig om hun mening gevraagd wordt. Verder kan het feit dat er nadrukkelijk gezocht wordt naar een manier waarop zorg minder ingewikkeld en meer integraal en centraal geregeld wordt, een ware verademing zijn voor een cliënt. Toegankelijke en activerende zorg op maat, dat klinkt in ieder geval als iets waar we gewoon voor moeten gaan en we hopen dat we dit plan dan ook zoveel mogelijk tot uitvoering kunnen brengen.

Help mee aan een beter Groningen!

    Word actief Doneer