Woord­voering Begroting Onderwijs & Welzijn


1 november 2017

Programma 3: Onderwijs
De PvdD vindt dat ieder kind, ongeacht afkomst of achtergrond moet opgroeien in een omgeving waarin het zijn of haar talenten kan ontplooien. Deze zelfde ambitie zien we ook terug bij het college. Daarnaast zijn wij van mening dat elk kind dezelfde kansen moet krijgen. Om die reden zijn wij blij met het voornemen van het college om te werken aan meer kansengelijkheid in het onderwijs.

Daarnaast, we hebben het eerder aangegeven, hechten wij grote waarde aan de natuur en duurzaamheidseducatie. Het is bij uitstek belangrijk om kinderen kennis te laten maken met natuur zodat zij nu en op latere leeftijd respectvol met de natuur om zullen gaan. Er is voor de komende jaren beoogd 96% mee te laten doen met dit programma, maar als het aan ons ligt mag dit aantal hoger. Waarom zou immers niet elk kind kennis mogen maken met de natuur en al wat er in leeft?

Voorkomen van schooluitval is een belangrijk thema waar het college ook flink op in zet. Wij menen dat het te allen tijde voorkomen moet worden dat kinderen thuis komen te zitten, dan wordt met de dag de drempel hoger om weer terug naar school te gaan. De aanwezige leerplichtambtenaren zijn uiterst noodzakelijk, maar dienen ook effectief op te treden. Wij hebben het afgelopen jaar meerdere verhalen gehoord van leerplichtige kinderen die thuis zaten en waarbij de betreffende ambtenaar niet of nauwelijks een rol had, of zich weg liet spelen door de betreffende leerling. En dat zou natuurlijk niet mogen gebeuren.

Volwasseneneducatie
Het is voor ons van belang dat iedereen mee kan doen in de samenleving. Daarom spreken wij onze waardering uit over bijvoorbeeld de leertrajecten Nederlandse taal en rekenen die worden aangeboden. Wij vinden het een goede ontwikkeling dat er vanaf 2018 ook digitale lessen vaardigheden in het aanbod worden opgenomen.

Programma 4: Welzijn, gezondheid, zorg
We lezen het door het hele programma heen: Groningen moet een ‘civil society’ worden waar burgers zich betrokken voelen bij elkaar en hun leefomgeving, zich inzetten voor elkaar, regie hebben over hun leven, zich gezond en veilig voelen en participeren. Dit door zelf- en samenredzaamheid. Dat zijn mooie woorden waar niemand iets aan op te merken heeft.

De PvdD is een partij die als basisovertuiging heeft: opkomen voor de kwetsbaren in de samenleving. En de doelstellingen uit dit onderdeel lijken onze basisovertuiging ook te delen. Het stuk richt zich erg op de kwetsbare mensen in onze gemeente en dat waarderen we.

Dat er daarbij ook rekening wordt gehouden met de mensen die hen helpen vinden we goed. We lezen dat mantelzorgers en vrijwilligers kunnen rekenen op adequate faciliteiten en (professionele) ondersteuning. Heel goed. En dit zou zeker niet uit het oog verloren mogen worden.

Wijkniveau: In het algemeen is het natuurlijk fantastisch dat er zo ingezet wordt op de energieke wijken maar bestaat er zo ook niet het gevaar dat er een grotere tweedeling in de maatschappij ontstaat? Zou er niet wat meer interactie moeten zijn tussen de wat meer weerbare en minder weerbare wijken?

Bij de genoemde financiële risico’s lezen we dat het risico op transformatie inhoudt dat de geraamde besparing van dure naar goedkope zorg ook daadwerkelijk gerealiseerd wordt. Daarmee vinden we het programma wel erg optimistisch gepresenteerd en gebaseerd op veronderstellingen. Het is daarbij ook jammer dat bijna geen enkele grafiek cijfers laat zien waardoor het lastig is te beoordelen of de transitie ook werkelijk zijn vruchten afwerpt. Dit terwijl het nieuwe werken toch al geruime tijd plaatsvindt.

Ons valt op dat de termen zelf regie voeren en zelfredzaam vaak door elkaar gebruikt worden. En dat klopt niet altijd volgens ons. Mensen die langdurig ziek zijn en afhankelijk zijn van hun familie of netwerk, voelen zich vaak juist veel minder zelfredzaam dan wanneer zij professionele hulp ontvangen, omdat zijn niet op gelijke voet met hun omgeving kunnen functioneren en hun naasten niet willen belasten. Hierdoor kunnen ze de regie over hun leven juist kwijtraken.

Positief opgroeien
Wij vinden het uitermate belangrijk dat onze jeugd veilig en gezond opgroeit. Waar zij gehoord worden en waar zij kansen krijgen. Dat er om die reden ook flink ingezet wordt op preventie vinden we goed.

De doelstellingen die het college in dit kader stelt kunnen we goed volgen. Waarin we met name onze waardering uitspreken voor de ambitie om de de positieve opvoedkracht van ouders en het positieve opvoedklimaat in de directe omgeving van de jeugdige te versterken, en het feit dat er wordt ingezet op een gezonde leefstijl door van jongs af aan samen met de ouders in te zetten op gezonde voeding. Daar zijn nog flinke inhaalslagen te maken en we kijken uit naar de uitwerking ervan. Want, vanzelfsprekend zal hier aandacht zijn voor een meer plantaardig leefpatroon aangezien inmiddels ruimschoots wetenschappelijk is bewezen dat het eten van vlees en zuivel meer kwaad dan goed doet.

We lezen ook dat het college, in het kader van gezonde jeugd investeert in het gezond opgroeien van kinderen en een actieve en gezonde leefstijl stimuleert. Het is nog niet bekend hoe het college dit wil gaan doen, dit is nog in ontwikkeling lezen we. Het college geeft aan dat dit proces meer bottom up zou moeten ontstaan. Maar wij vragen ons af: Is dit niet juist een probleem dat in kwetsbare wijken speelt? Hoe moet dit dan juist bottom up ontstaan?

Emancipatie, integratie en diversiteit
Dit zijn erg belangrijke thema’s voor ons. Wij vinden dat iedereen, ongeacht afkomst, religie of geaardheid zich welkom en gewaardeerd zouden moeten voelen in onze gemeente. Helaas is dit maar al te vaak niet het geval. Er worden goede stappen gezet, maar er zijn nog veel verbeteringen mogelijk. We betreuren het daarom sterk dat er momenteel nog geen zicht is op een vervolg van de regenbooggelden 2015-2017. We lezen dat het college wil gaan bekijken hoe er zonder de rijksmiddelen de lijn die is ingezet vanaf 2008 ook in 2018 kunnen waarborgen. Echter zien we hier niet iets van terug in de begroting hoe dat gepland staat. Wel lezen we, en dat waarderen we, dat het college de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap gevraagd heeft de regenbooggelden ook na 2018 beschikbaar te blijven stellen.

Veilig opgroeien
Kindermishandeling is één van de meest schrijnende toestanden in onze stad. En natuurlijk willen wij een stad zijn waarbij kindermishandeling niet voorkomt. Waarbij preventie prioriteit heeft en effectief is. Om die reden waarderen we het dat het college ook inzet op preventie. Echter is dat niet altijd voldoende helaas en zijn er meldingen van kindermishandeling bij Veilig Thuis. We zijn blij dat door de verbeterpunten in ieder geval Veilig Thuis weer beter beoordeeld wordt. Want in zo’n kwetsbare situatie is het allerminste wat je wil dat er fouten worden gemaakt en wachtlijsten ontstaan. Ons valt dan in de begroting op dat er voor 2018 een hoger aantal meldingen is beoogd dan in de jaren hiervoor (is dit door de herindeling?).

Wat helaas vaak samengaat met kindermishandeling is huiselijk geweld waarbij ook partners slachtoffer worden. Het college richt zich op het voorkomen en bestrijden van huiselijk geweld. Dat is mooi, maar hoe dit in de praktijk vorm krijgt,dat wordt ons niet duidelijk uit de tekst. College wil ook de opvang en ondersteuning van slachtoffers van huiselijk geweld en eventuele kinderen verbeteren, maar ook hoe dit zal gebeuren wordt ook niet duidelijk uit de tekst

Wat betreft de maatschappelijke opvang, de laatste jaren is er flink gekort op het aantal beschikbare plaatsen nachtopvang voor onze dakloze Groningers. En dit terwijl het aantal daklozen niet afneemt. Zodoende is het momenteel gaande dat veel daklozen toch ‘s nachts op straat belanden. Dit is natuurlijk uiterst schrijnend en wij zien om die reden graag dat Groningen haar sociale kant laat zien en meer budget vrijmaakt voor deze kwetsbare groep mensen en de maatschappelijke opvang.

Vluchtelingenbeleid en statushouders
Zoals eerder al uitgesproken waarderen we de houding van het college als het om deze kwetsbare groep mensen gaat. Waarbij we in de tekst echter toch struikelen over de volgende zin: We intensiveren de maatschappelijke begeleiding van degroep vergunninghouders, met specifieke aandacht waarbij we actief zoeken naar het ‘verborgen talent’ van individuen. Dat laatste wekt de indruk dat talenten die mensen hebben altijd verborgen zouden zijn. En dat is natuurlijk niet zo. Een klein detail, maar oogt toch haast een tikkeltje neerbuigend, en dat is vast niet zoals het college het bedoeld heeft.

Help mee aan een beter Groningen!

    Word actief Doneer