Woord­voering Gemeen­te­re­kening Beheer & Verkeer, 4 juli 2018


4 juli 2018

Dankuwel voorzitter.

Wat betreft de inzet op het gebruik van de fiets en het openbaar vervoer zijn we in Groningen op de goede weg. Het aandeel van fietsers is stabiel en de waardering van fietsen in onze stad neemt toe, evenals de waardering voor de bewaakte fietsenstallingen. De ontwikkelingen van Fietsstad 050 zijn gunstig, met onder andere het flitsteam fietsparkeren, vergevingsgezinde fietspaden, en het toenemende aantal OV-fietsverhuurlocaties.

Over het openbaar vervoer hebben we hier de afgelopen paar maanden natuurlijk al uitvoerig gesproken, maar aangezien het de gemeenterekening is nogmaals onze complimenten voor de reizigerstevredenheid, de reizigers toename, de initiatieven met de OV-probeerkaart, en de forse CO2-vermindering mede dankzij de elektrische- en waterstofbussen. Het aantal toegankelijk bushaltes is boven verwachting toegenomen, en de stappen die zijn gezet voor de spoorverdubbeling naar Leeuwarden en Station Hoogkerk stemmen ons enthousiast. Het is wel lichtelijk zorgwekkend dat de doorstroming iets minder goed was, nog voordat de projecten Ring Zuid en Spoorzone echt van start waren gegaan. Wij kijken uit naar het nieuwe hoofdstation maar zijn ook bang dat dit wellicht meer hinder dan voorspeld op gaat leveren.

Ook de lijn die in 2017 verder is ingezet betreffende de emmissieloze stadslogistiek is hoopvol. Uit de recente informatiesessie bleek dat er vele mogelijkheden zijn om bezorgingen te organiseren met elk hun eigen voor- en nadelen, maar met de gaande ontwikkelingen op het gebied van SURFLOGH en fietskoeriers gaan we die doelstelling van 2025 gewoon halen.

De OV-fiets is het afgelopen jaar geëxplodeerd in populariteit, en ook in Groningen is er op zonnige dagen geen fiets meer op voorraad op het hoofdstation. Wellicht is het ook tijd om naast het toevoegen van extra huurlocaties, ook het aantal fietsen op de drukke locaties nog wat te verhogen?

Wat betreft de P+R terreinen wordt vermeld dat de lagere bezettingsgraad het gevolg is van de toegenomen capaciteit. Maar een rekensom van de beschikbare gegevens leert ons dat dit niet het hele verhaal is. In 2016 was 72% van de 3190 plaatsen bezet, ongeveer 2270 bezette parkeerplaatsen. In 2017 was dit 46% van de 4200, dat is ongeveer 1930. Een absolute daling van ruim 300 plaatsen. Herkent het college dit en wat is hier de verklaring voor?

Het college noemt dat de fors lagere verkeersongevallencijfers, met ook minder doden en gewonden, te pril zijn om al te spreken van een neerwaartse trend. Met de grote aandacht die wij de afgelopen tijd hebben besteed aan verkeersveiligheid in Groningen durven wij er al wel vanuit te gaan dat deze positieve trend zal doorzetten. Een verdriedubbeling van het aantal verkeerseducatietrajecten, meer dan het dubbele van de verwachte onveilige wegsituaties aangepakt. Super. Maar laten we dan ook niet investeren in projecten die de verkeersveiligheid verslechteren, zoals het Oosterhamriktracé. Maar daar hebben we de afgelopen maanden genoeg over gesproken.

Daarnaast hebben de werkzaamheden achter de schermen van 2017 ook nog eens geleid tot onze mooie nieuwe Parkeervisie, en een ommezwaai naar een dominant maatschappelijk effect voor het Parkeerbedrijf. Mooie resultaten dus voor het verkeer in onze stad, waar nu echter als donkere wolk de vertraging van Ring Zuid boven hangt.

Wat betreft het beheer van de stad zijn wij als Partij voor de Dieren iets minder positief. Het BORG-niveau mag van ons omhoog en ook echt bekeken worden per wijk, en niet enkel per stadsdeel. Wel is het goed dat zoveel meer bewoners actief zijn geworden in het onderhoud in de eigen buurt.

Qua groen en ecologie mag er ook echt wel een tandje bij. Meer versterking van de stedelijke ecologische structuur, meer aanplant van nieuwe bomen, en natuurlijk minder kap. Wij verwachten dat grootschalige groenversterking na de resultaten van de klimaatstresstest ook nodig zal zijn. Er is in 2017 weliswaar al wel een pakket met klimaatadaptieve maatregelen vastgesteld, wat goed is, maar de vraag is of later dit jaar blijkt of het voldoende is. Wij zien in ieder geval kansen in vergaande vergroening van industriële terreinen. Daar staan bomen wellicht niet altijd voor het gewone publiek in het zicht, maar dragen ze wel bij aan de ecologie en klimaatadaptatie van onze stad.

De Partij voor de Dieren vindt het erg jammer dat het subkopje van Dierenwelzijn maar een half A4’tje lang is. De doelstellingen zijn wellicht bereikt, maar als één daarvan al enkel het voldoen aan de wettelijke eisen is, zijn deze doelstellingen in onze ogen behoorlijk mager. Het getuigt in ieder geval niet van veel ambitie. 2017 was ook een jaar waarin er veel vissterfte in vijvers voorkwam, onder andere aan de Hora Siccemasingel en in de Oosterparkwijk. Ook bleek vorig jaar dat Faunavisie Wildcare in Westernieland, die ook voor onze gemeente veel gewonde dieren opving, financieel niet meer rond kon komen, terwijl we uiteindelijk, als ik zo naar het financiële plaatje kijk, nog minder uitgegeven hebben aan dierenwelzijn dan de kleine 2 ton die was begroot.

Daarnaast is vlees en vis nog steeds de norm bij gemeentelijke maaltijden. In de paragraaf over Duurzaamheid staat twee maal genoemd dat duurzaamheid ook ons voedsel betreft, maar het enige wat op dit punt van het beleid is gebeurd, is dat het Harm Buiterplein heeft geëxperimenteerd met streekproducten. Heel goed, maar streekproducten zouden volgens ons de norm moeten zijn, en dan ook zoveel mogelijk plantaardig en biologisch. Sowieso blijft de aandacht voor duurzaamheid in de brede zin van het woord achter bij de energietransitie, waar wel heel veel aandacht aan wordt besteed.

Gelukkig gaat het met die energietransitie dan ook goed: een forse energiebesparing is gerealiseerd bij bedrijven, het aantal deelnemers aan de Energiemonitor neemt toe, het aantal zonnepanelen in parken is verviervoudigd en op daken verdubbeld, er is hard gewerkt aan wijkgerichte energietransitieplannen, we hebben nu een Dutch Heat Centre en het Global Centre of Excellence on Climate Adaptation komt onze kant op. Top. Bij deze ontwikkelingen heeft de gemeente ook de hand in eigen boezem gestoken en gemeentelijke gebouwen verduurzaamd en energie meer lokaal ingekocht, zoals het hoort. De promotie van de biobased economy zijn we iets minder tevreden mee. U weet dat wij geen fan zijn van biomassa en biogas, maar laten we die discussie bewaren tot de bespreking van de alternatieve warmtebron noordwest in september.

Het is fijn om onze motie over de verduurzaming van terrasverwarming hier ook terug te zien. Wij zijn benieuwd wat de concrete uitwerking wordt van de stappen die in de beantwoording van de motie uiteengezet zijn. Kan de wethouder zeggen of wij voor aanstaande winter hier nog een update over kunnen krijgen?

Tot slot vinden wij het erg jammer dat het percentage afvalscheiding niet is gestegen. Met alle genoemde maatregelen en programma’s om het hergebruik van afval te bevorderen kunnen wij zeggen dat de gemeente erg goed haar best doet, maar helaas nog zonder resultaat. Voor ons bestaat daar maar één oplossing voor: DIFTAR zo snel mogelijk na de verkiezingen invoeren. En vervolgens genieten van het percentage afvalscheiding dat stijgt boven de 70%.

Wethouder: Wat betreft de aantallen van de OV-fietsen op populaire locaties, dat is vooral een NS-aangelegenheid, maar we gaan met ze in gesprek. Qua toekomstbestendigheid kijken we ook naar andere deelfietsmogelijkheden, wellicht zelfs een gemeentelijk systeem. Zoals deelfietsen aanbieden in parkeergarages in het teken van ketenmobiliteit. Met een eigen instrumentarium hebben we dan wat meer manoeuvreer ruimte.

Wat betreft de motie over terrasverwarming komen we voor het einde van het jaar bij u terug.

Wat betreft de cijfers over de P+R is er iets mis gegaan met de metingen gokken we. De trend is dat de P+R's echt veel beter gebruikt worden en bezet zijn. Wij gaan kijken hoe we dit volgend jaar zorgvuldiger kunnen meten.