Schrif­te­lijke vervolg­vragen betref­fende veront­rei­niging op het voor­malige Aagrunol terrein


Indiendatum: 1 feb. 2021

Geacht college,

In de beantwoording van vraag 15 over welke keuze de gemeente heeft gemaakt op grond van de door Tauw 1 geconstateerde overschrijdingen en gemaakte aanbevelingen, meldt de gemeente dat het rapport in behandeling is bij de Omgevingsdienst Groningen en dat er “inmiddels” overleg heeft plaats gevonden. Dit na ruim meer dan een jaar na het uitbrengen van het rapport van Tauw.

-15.1-Waarom heeft de beoordeling niet eerder plaats gevonden? Blijven saneringsrapporten vaker meer dan een jaar liggen ter beoordeling? Welke maatregelen heeft u ondernomen om dit in de toekomst te voorkomen en te bewaken dat dit niet weer zal plaats vinden?

-15.2- U schrijft dat het bevoegd gezag voornemens is de aanbeveling van Tauw over te nemen. Heeft u ondertussen hierover een besluit genomen? Zo ja, welke en wat betekent dit voor de sanering en de bewaking van de grondwaterverontreiniging? Zo nee, waarom niet?

-15.3- Kunt u vertellen welke afspraken zijn gemaakt naar aanleiding van het gevoerde overleg over de door u genoemde herbemonstering, het eventueel bijplaatsen van een of meer peilbuizen en mogelijk andere vervolg afspraken?

-15.4- Heeft de OGD ondertussen het rapport behandeld en heeft er een beoordeling plaatsgevonden? Zo ja, wat is de conclusie van de OGD en welke maatregelen worden al dan niet opgenomen op grond van deze beoordeling? Zo nee, waarom niet?

Bij antwoord vraag 16:

-16.1- U geeft aan dat de aanbeveling van Tauw wordt overgenomen, in het overleg afgesproken is tot herbemonstering over te gaan en dat extra peilbuizen geplaatst zullen worden. Zijn de resultaten hiervan al bekend? Zo ja wat zijn de resultaten en leiden deze tot extra maatregelen? Zo nee, wanneer worden deze bekend ?

Bij antwoord vraag 20:

-20.2- Wanneer verwacht u dat de saneringsdoelstelling aantoonbaar is bereikt?

1. Tauw, Monitoring grondwater 2018 AAgrunol te Groningen, d.d.21 maart 2019, kenmerk L001-1267779EBS-V01- kst-NL

Indiendatum: 1 feb. 2021
Antwoorddatum: 3 mrt. 2021

Geachte heer, mevrouw,

Hierbij doen wij u toekomen het antwoord op de door mevrouw K. De Wrede van de Partij voor de Dieren en de heer A.J.M. Van Kesteren van de Partij voor de Vrijheid gestelde vragen ex art. 38 RvO over de verontreiniging op het voormalige Aagrunolterrein. De brief van de vragenstellers treft u als bijlage aan.

1. 15.1-Waarom heeft de beoordeling niet eerder plaats gevonden? Blijven saneringsrapporten vaker meer dan een jaar liggen ter beoordeling? Welke maatregelen heeft u ondernomen om dit in de toekomst te voorkomen en te bewaken dat dit niet weer zal plaats vinden?

De beoordeling van het onderzoek heeft niet eerder plaatsgevonden omdat het onderzoeksrapport per abuis niet ter beoordeling aan de Omgevingsdienst Groningen (ODG) is voorgelegd. Dat is inmiddels gebeurd. Ter informatie hebben we de beoordelingsbrief 1 van de ODG in de bijlage opgenomen. Daarnaast hebben we met de ODG geconstateerd dat er beter moet worden toegezien op de gestelde termijnen voor vervolgonderzoek. De interne procedures worden hierop aangepast.

2. 15.2- U schrijft dat het bevoegd gezag voornemens is de aanbeveling
van Tauw over te nemen. Heeft u ondertussen hierover een besluit
genomen? Zo ja, welke en wat betekent dit voor de sanering en de
bewaking van de grondwaterverontreiniging? Zo nee, waarom niet?
Wellicht ten overvloede. Maar de ODG treedt namens de gemeente
Groningen op als het bevoegde gezag in het kader van de Wet
bodembescherming als het gaat om het toezicht op de uitvoering van
bodemsaneringen. Dus wanneer er gesproken wordt over het oordeel
van het “bevoegde gezag”, dan is dat in de praktijk het oordeel van de
ODG. Dit oordeel wordt overigens altijd afgestemd met de afdeling
Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving. Deze afdeling is
formeel de “opdrachtgever” van de ODG.
De ODG heeft de aanbeveling van Tauw om een herbemonstering uit
te voeren, overgenomen en tevens voorgeschreven dat het monitoringnetwerk
met een extra monsterpunt (peilbuis) dient te worden
uitgebreid. Daarnaast dient weer een volledige monitoringronde te
worden uitgevoerd waarbij alle monitoringpeilbuizen worden
bemonsterd. Dit om een goed beeld te krijgen van de huidige
verontreinigingssituatie en om een eventuele verspreiding van de
grondwaterverontreiniging met arseen in horizontale richting vast te
kunnen stellen. Het adviesbureau geeft ook aan dat de lage
grondwaterstand ten tijde van de monsterneming een verklaring zou
kunnen zijn voor de verhoogde arseenconcentraties in het grondwater.
Wisselende concentraties komen vaker voor bij langdurige
grondwatermonitoringen. Vandaar dat conclusies pas kunnen worden
getrokken, wanneer er een “reeks” aan metingen beschikbaar is
waaruit een eenduidige trend is af te leiden. De nieuwe (volledige)
grondwatermonitoring heeft overigens nog niet plaatsgevonden omdat
de opdracht daarvoor recent is verleend.

3. 15.3- Kunt u vertellen welke afspraken zijn gemaakt naar aanleiding
van het gevoerde overleg over de door u genoemde herbemonstering,
het eventueel bijplaatsen van een of meer peilbuizen en mogelijk
andere vervolg afspraken?
Zie hiervoor het antwoord op vraag 2 (15.2). Er zijn reeds afspraken
gemaakt met betrekking tot herbemonstering en uitbreiding van het
bestaande monitoringnetwerk.

4. 15.4- Heeft de ODG ondertussen het rapport behandeld en heeft er
een beoordeling plaatsgevonden? Zo ja, wat is de conclusie van de
ODG en welke maatregelen worden al dan niet opgenomen op grond
van deze beoordeling? Zo nee, waarom niet?
De nieuwe (volledige) monitoring heeft nog niet plaatsgevonden,
zoals aangegeven bij het antwoord onder vraag 2. Naar verwachting
zullen de uitkomsten hiervan, inclusief een beoordeling van de
resultaten door de Omgevingsdienst voor 1 mei 2021 bekend zijn.

5. 16.1- U geeft aan dat de aanbeveling van Tauw wordt overgenomen,
in het overleg afgesproken is tot herbemonstering over te gaan en dat
extra peilbuizen geplaatst zullen worden. Zijn de resultaten hiervan al
bekend? Zo ja wat zijn de resultaten en leiden deze tot extra
maatregelen? Zo nee, wanneer worden deze bekend ?

Zie antwoord vraag 4.

6. 20.2- Wanneer verwacht u dat de saneringsdoelstelling aantoonbaar
is bereikt?

Wanneer de saneringsdoelstelling (een zogeheten “stabiele
eindsituatie” waarbij de restverontreiniging in het grondwater zich
aantoonbaar niet meer verspreidt) is bereikt, kan nu nog niet worden
aangegeven. Dat is afhankelijk van de uitkomsten van de
grondwatermonitoring(en). Grondwatermonitoringen, vooral bij
saneringen van deze omvang, zijn vaak langdurige projecten, mede
door de langzaam verlopende (verspreidings)processen in de bodem.
Het verkrijgen van een “monitoringreeks” op basis waarvan een
duidelijke (stabiele) trend is af te leiden, kost dan ook tijd (kan jaren
duren). Zoals aangegeven in de beantwoording op vragen op 17 juni 2020 (265902-
2020): de beperkingen aan het gebruik van het terrein zijn vastgelegd in de
beschikking op het saneringsplan Aagrunol en blijven onverminderd van
kracht totdat wij als bevoegd gezag een besluit hebben genomen op het
evaluatieverslag van de sanering. Omdat het saneringsplan er vanuit gaat dat
ook na de saneringsfase een restverontreiniging aanwezig blijft, zullen er ook
dan nog gebruiksbeperkingen van toepassing zijn.

Hier de ontvangen bijlage:

Bijlage Beantwoording vragen ex art 38 Rv O Pvd D en PVV betreffende Aagrunol