Schrif­te­lijke vragen betref­fende de ontheffing voor het doden van dieren op Groningen Airport Eelde


Geacht College,

Gedeputeerde Staten van Drenthe hebben op 23 januari j.l. een ontheffing verleend voor het doden van vogels en zoogdieren op het terrein van Groningen Airport Eelde​​. Middels deze ontheffing wordt toegestaan dat op het luchthaventerrein 67 diersoorten worden gedood, 41 soorten vogels en 26 soorten zoogdieren, een aantal van deze soorten staan zelfs op de Rode Lijst. Voor veel diersoorten ontbreekt de onderbouwing waarom deze een gevaar vormen voor de luchtverkeersveiligheid.

Wij stellen u graag de volgende vragen:

  1. In hoeverre is er afstemming geweest tussen GS Drenthe, de provincie Groningen en de andere aandeelhouders over het verlenen van en de inhoud van deze ontheffing? Zo ja, wat was daarbij uw inbreng? Zo nee, bent u bereid om alsnog in overleg te treden met GS van Drenthe over (de gevolgen van) deze ontheffing­?
  2. Bent u bereid om aan te dringen op intrekken van de ontheffing, teneinde deze te laten vervangen door een ontheffing waarin slechts verjagen of wegvangen en weer uitzetten als middel is toegestaan? Zo nee, waarom niet?
  3. Gs Drenthe verleent ontheffing voor het doden van vele vogels, zoals onder andere de scholekster, die tot de doelsoorten van de gemeente Groningen behoort. Wat is uw visie op het feit dat dit ingaat tegen uw doelsoortenbeleid en dat u investeert in een diersoort die iets verderop wordt dood geschoten?
  4. GS Drenthe verleent ontheffing voor het doden van vogelsoorten van de Rode Lijst (o.a. Goudplevier, Pijlstaart, Patrijs, Slobeend, Smient, Wintertaling, Wulp). In de nabijgelegen N2000 gebieden kop van de Drentsche Aa en Zuidlaardermeer, en het weidevogelgebied Gorecht wordt alles uit de kast gehaald om o.a. scholekster, wulp en kievit voor verdwijnen te behoeden. Een groot deel van deze vogelsoorten broedt daarnaast juist ook buiten de aangewezen kerngebieden.
  5. Onderschrijft u de tekst in de ontheffing die stelt dat er geen sprake is van verslechtering van de staat van instandhouding? Op welke wijze is dit onderzocht?
  6. De provincie Groningen voert in het kader van soortenbescherming vele beschermingsmaatregelen uit, hoe wenselijk is het vervolgens dat dieren die mogelijk uit beschermde gebieden in deze provincie komen, maar bij GAE fourageren, worden gedood?
  7. Wat vindt u in zijn algemeenheid van het doden van zwaar beschermde Rode Lijstsoorten door de overheid die juist belast is met de taak deze dieren te beschermen?
  8. Deelt u de mening dat het ethisch problematisch is dat in het beleid van GAE de belangen van dieren structureel worden genegeerd? Zo nee, waarom niet?
  9. Is het volgens u correct dat voor alle te doden diersoorten: a. gevaar voor het vliegverkeer is aangetoond, b. geen ‘bevredigende oplossing’ voorhanden is om de dieren te verjagen of verplaatsen?
  10. Zo ja, kunt u dit onderbouwd per diersoort toelichten?
  11. Kunt u aangeven hoe op GAE toezicht gehouden gaat worden op voorschrift 2, dat de met name genoemde beschermde inheemse dieren slechts in uiterste gevallen [mogen] worden gedood en pas nadat de volgende preventieve maatregelen zijn genomen: akoestische middelen en visuele middelen en overige preventieve middelen ´? Er geldt wel een registratieplicht maar aangezien schieten vaak sneller en makkelijker is dan verjagen blijft het ongewis of de preventieve maatregelen daadwerkelijk (correct) zijn toegepast.
  12. Wat is de reden dat in voorschrift 4 is opgenomen dat het vervoer van gedode vogels zodanig dient plaats te vinden dat de vogels vanaf de openbare weg niet zichtbaar zijn? Voor wie moet dit vervoer verborgen gehouden worden? Hoe draagt dit voorschrift bij aan de maatschappelijke informatiepositie over het doden van dieren rond vliegvelden?
  13. Langgrasbeheer​ (waardoor het terrein voor vogels minder aantrekkelijk wordt) ​wordt nationaal en internationaal toegepast. In het Faunabeheerplan Drenthe staat echter dat GAE het langgrasbeheer heeft opgeschort. Kunt u aangeven waarom dat is gebeurd? Bent u bereid er bij GS Drenthe op aan te dringen alsnog langgrasvelden aan te leggen op het vliegveld? Bent u het met ons eens dat het immoreel is dieren te doden, terwijl er niet wordt gekozen voor een andere groeninrichting?
  14. 'Het uitgangspunt van het Flora en Faunabeheerplan blijft onveranderd het zogenaamde Zero-Tolerance beleid', staat te lezen in het Faunabeheerplan van GAE. Wat wordt hiermee bedoeld? Is dat beleid volgens u nodig voor de veiligheid?

Met vriendelijke groet,

Kirsten de Wrede

Partij voor de Dieren