Schrif­te­lijke vragen over de achter­uitgang van vlinders en insecten en het belang van “lief­de­volle waar­de­lozing” bij groen­beheer


Groningen, 15 april 2019

Geacht college,

Onlangs meldde het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS) dat de vlinderpopulatie in Nederland met 84% is afgenomen tussen 1890 en 2017.[1] Vijftien vlindersoorten zijn geheel verdwenen en 22 soorten zijn bedreigd tot ernstig bedreigd. Dit blijkt uit tellingen van het CBS en de vlinderstichting. De afname van vlinders (en insecten) is te wijten aan het intensieve gebruik van ons land. Van iets verder terug is het dramatische nieuws over de afname van insecten.[2]

Wereldwijd worden 40% van alle insectensoorten met uitsterven bedreigd. [3] Vlinders maar ook bijen en andere insecten hebben bloemen nodig die op het platteland steeds minder aanwezig zijn door graslanden zonder bloemen en kruiden (“de groene hel”). Andere grote problemen voor deze kleine dieren zijn het gebruik van landbouwgif op het platteland en de verstening in steden en de wijze waarop tuinen worden ingericht, strak, netjes en vaak met tegels.

De Partij voor de Dieren en de Stadspartij voor Stad en Ommeland menen dat de verscheidenheid aan soorten en dieren op onze planeet niet alleen het mooiste, maar ook het meest waardevolle is dat onze aarde ons te bieden heeft, onder andere vanwege ecosysteemdiensten zoals onze voedselvoorziening.

Gelukkig kunnen bermen, groenstroken, tuinen en openbaar groen in verstedelijkt gebied, mits op een juiste manier beheerd, een belangrijke bijdrage leveren aan de voedselvoorziening en de overwintering van vlinders en insecten, maar vaak ligt de focus op de cosmetische aspecten van groenbeheer. Een recent artikel in Trouw stelt dan ook: “… Maar in feite zijn we bezig de kooi schoon te maken, terwijl we vergeten de dieren eten te geven.” [4] Er zijn gemeentes die hun beheer al aanpassen: zo gaat de gemeente Haarlem een maand lang niet maaien, tussen 15 april en 15 mei, zodat de paardenbloemen volop kunnen bloeien en als voedsel dienen voor insecten. [5]

Hierover stellen wij u graag de volgende vragen.

1. Bent u op de hoogte van de afname van de vlinderpopulatie met 80%?

2. Vindt u met de Partij voor de Dieren en de Stadspartij voor Stad en Ommeland dat behoud en herstel van biodiversiteit voor alle overheden prioritair moet zijn?

3. In “Groene pepers”, de groenstructuur visie van onze gemeente tot 2020, staat op blz. 33 het volgende: “Het belang van duurzaam groen en efficiënt groenonderhoud wordt nog onvoldoende onderkend en legt het in het afwegingsproces nogal eens af tegen andere belangen.” Bent u met ons van mening dat gezien de zeer grote achteruitgang van insecten en vlinders deze mentaliteit niet langer houdbaar is? Bent u met ons van mening dat de urgentie met betrekking tot biodiversiteit in alle lagen van onze gemeentelijke organisatie gevoeld zou moeten worden en niet alleen bij de afdelingen voor groenbeheer? Zo nee, waarom niet? Zo ja, op welke wijze heeft u dit geborgd of gaat u dat borgen?

4. In samenwerking met Stichting Groenkeur en kennisplatform Crow heeft de vlinderstichting het keurmerk Kleurkeur uitgebracht dat gericht is op een goed (maai) beheer door groenbedrijven en overheden. Op welke wijze heeft u bij de aanbesteding van uw groenbeheer zorg gedragen voor groenbedrijven met kennis van zaken op het gebied van ecologisch beheer? Bent u achteraf van mening dat dat voldoende was? Ziet u mogelijkheden bij een volgende aanbesteding groenbeheerders nog meer in dienst van de biodiversiteit te laten werken?

Grasvelden, bermen en stroken waar vaker maaien wenselijk is, omdat ze een bepaald functioneel doeleinde hebben, kunnen toch bijdragen aan de biodiversiteit door zogenaamde “kortbloeiers” zoals madeliefjes en klaver aan het zaaimengsel toe te voegen. Dit wordt wel “nectar onder het maaimes” genoemd. Een voorbeeld van een door de gemeente beheerd grasland waar zeer weinig kruiden en bloemen in zitten, is het gras in het Stadspark.

5. Bent u het met ons eens dat ook grasvelden die meer intensief worden gebruikt, zo mogelijk aantrekkelijker moeten worden gemaakt voor vlinders, bijen en insecten? Bent u het met de Partij voor de Dieren en de Stadspartij voor Stad en Ommeland eens dat de scherpe scheiding in groenbeheer tussen regulier en ecologisch beheer achterhaald is, gezien de grote urgentie rondom de afname van vlinders en insecten? En dat we af moeten van vaste maai- en snoeischema’s? Zie bijvoorbeeld ook de ingezonden brief van 31 maart 2019.[6] Graag een toelichting.

Uit de borgschouw 2017 blijkt dat de score voor groen met 6% is gedaald ten opzichte van het jaar ervoor. Bij de beoordeling van ecologie gaat het echter om de verscheidenheid van planten en dieren en niet over ”netheid en verzorging.” In de praktijk blijft het voor schouwers moeilijk om dit onderscheid te maken en naar wij vorige week hebben begrepen is het onderdeel ecologisch beheer daarom uit de Borg verdwenen. Maar in het belang van het kleine dierenleven moeten we rommeligheid bij alle gemeentelijk en particulier tuin- en groenonderhoud gaan koesteren en als ideaal verheffen. “Liefdevolle verwaarlozing”, wordt dit wel genoemd.

6. Is het college bereid om “netheid” als criterium bij groenbeheer uit de Borgschouw te schrappen? Zo nee, waarom niet?

7. Is het college bereid om door middel van voorlichting of acties, zoals een wedstrijd “Onbezorgd Tuinieren”, bewoners te stimuleren tot een meer ontspannen wijze van tuinieren waarbij het belang van biodiversiteit centraal staat en niet langer netheid als norm wordt gezien?

8. Bent u bereid om mee te werken aan acties van de pollinators zoals de Nationale Zaaidag op 22 april, waarbij mensen gratis zaden kunnen halen met bloemen en kruiden die van belang zijn voor vlinders en insecten en zo ja, hoe?

Met vriendelijke groet,

Kirsten de Wrede

Partij voor de Dieren

&

Stadspartij voor Stad en Ommeland

Mariska Sloot

[1] https://www.naturetoday.com/intl/nl/nature-reports/message/?msg=25041

[2] https://www.ru.nl/nieuws-agenda/nieuws/vm/iwwr/2018/nederland-dramatische-afname-insecten/

[3] https://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S0006320718313636

[4] https://www.trouw.nl/groen/-met-pindaslingers-een-vetbol-en-nestkastjes-gaan-we-de-natuur-echt-niet-redden-~aa27d5eb/

[5] https://www.nhnieuws.nl/nieuws/243815/haarlem-gaat-maand-lang-niet-maaien-om-insecten-te-beschermen

[6] In een ingekomen brief van 31 maart noemt de schrijfster in reactie op de afname van vlinders en insecten 19 aanbevelingen van een stadsboswachter van Natuurmonumenten die de biodiversiteit verhogen

Antwoorddatum: 22 mei 2019

Collegebrief aan de raad

Geachte heer, mevrouw,

Hierbij doen wij u toekomen ons antwoord op de schriftelijke vragen ex art. 38 RvO van mevrouw K. de Wrede van Partij voor de Dieren en mevrouw M. Sloot van de Stadspartij voor Stad en Ommeland over de achteruitgang van vlinders en overige insecten en het belang van “liefdevolle waardelozing” bij groenbeheer. De brief van de vragenstellers treft u als bijlage aan.

1. Bent u op de hoogte van de afname van de vlinderpopulatie met 80%?

Ja, wij zijn op de hoogte van de afname van de vlinderpopulatie. Wij maken ons hier zorgen om en zijn ons ervan bewust dat wij hierin een verantwoordelijkheid hebben.

2. Vindt u met de Partij voor de Dieren en de Stadspartij voor Stad en Ommeland dat behoud en herstel van biodiversiteit voor alle overheden prioritair moet zijn?

Wij vinden behoud en herstel van de biodiversiteit belangrijk. overheden zouden hier aandacht voor moeten hebben. Om de biodiversiteit te bevorderen zetten wij in op meer groen en het versterken van de stedelijke ecologische structuur (SES). Wij beseffen dat het groen in de openbare ruimte, zeker binnen stedelijk gebied, schaars is. In ecologisch beheerde gebieden, die in de SES liggen, staat het bevorderen van biodiversiteit voorop. In overige gebieden houden wij zoveel mogelijk rekening met de natuur, maar kan ook gekozen worden voor inrichtings- of beheermaatregelen juist ten gunste van een ander belang zoals cultuurhistorie, veiligheid of recreatie

3. In “Groene pepers”, de groenstructuur visie van onze gemeente tot

2020, staat op blz. 33 het volgende: “Het belang van duurzaam groen

en efficiënt groenonderhoud wordt nog onvoldoende onderkend en

legt het in het afwegingsproces nogal eens af tegen andere belangen.”

Bent u met ons van mening dat gezien de zeer grote achteruitgang van

insecten en vlinders deze mentaliteit niet langer houdbaar is? Bent u

met ons van mening dat de urgentie met betrekking tot biodiversiteit in

alle lagen van onze gemeentelijke organisatie gevoeld zou moeten

worden en niet alleen bij de afdelingen voor groenbeheer? Zo nee,

waarom niet? Zo ja, op welke wijze heeft u dit geborgd of gaat u dat

borgen?

Sinds de vaststelling van Groene pepers in 2009 heeft ecologisch

beheer een grotere plek gekregen binnen het beheer van het openbaar

groen. Wij vinden met u dat het bevorderen van de biodiversiteit niet

alleen in het groenbeheer moet worden gemaakt. Ook bij ruimtelijke

ontwikkelingen en groot onderhoudsprojecten moet hier in

toenemende mate aandacht voor zijn.

Als voorbeeld noemen we onze ambitie om bij herinrichting na groot

onderhoud, zoals rioleringswerkzaamheden en het vervangen van

kabels en leidingen, te zorgen voor een leefbare en groenere straat.

Ook werken wij aan een nieuw groenplan, een opvolger van Groene

Pepers, waarin het groen beleidsmatig een plek krijgt. Hierin zijn

instrumenten zoals de Stedelijke Ecologische Structuur en het

groencompensatiefonds opgenomen. Als extra instrument ontwikkelen

wij een ambitieweb conform de systematiek 'duurzaam GWW

(grond-, weg- en waterbouw)'. Dit instrument dient om in zowel

ontwikkelings- als beheerprojecten een gedegen afweging te maken.

De thema's groen en ecologie maken integraal onderdeel uit van dit

ambitieweb. De ontwikkeling hiervan maakt onderdeel uit van de

Green Deal duurzaam GWW die de gemeente in 2018 sloot. Over dit

instrument wordt u in een later stadium geïnformeerd.

Genoemde instrumenten verstevigen de positie van het groen in het

hierboven aangegeven afwegingsproces; ook binnen de afdelingen die

zich bezighouden met ruimtelijke ontwikkelingen.

4. In samenwerking met Stichting Groenkeur en kennisplatform Crow

heeft de vlinderstichting het keurmerk Kleurkeur uitgebracht dat

gericht is op een goed (maai) beheer door groenbedrijven en

overheden. Op welke wijze heeft u bij de aanbesteding van uw

groenbeheer zorg gedragen voor groenbedrijven met kennis van zaken

op het gebied van ecologisch beheer? Bent u achteraf van mening dat

dat voldoende was? Ziet u mogelijkheden bij een volgende

aanbesteding groenbeheerders nog meer in dienst van de

biodiversiteit te laten werken?

Voorheen vroegen wij bij de aanbesteding van ecologisch beheerd

gebied naar een uitgewerkte casus of een referentie. In de praktijk

bleek echter dat nog te vaak begeleiding in de uitvoering nodig was

om goed beheer te borgen. Daarom hebben wij onlangs nieuwe

programma eisen opgesteld voor de aanbesteding van ecologische

percelen. In de werkomschrijving hebben wij eisen ten aanzien van

ecologisch beheer en de bevordering van biodiversiteit opgenomen.

Wij zijn op de hoogte van het keurmerk Kleurkeur. Het Kleurkeur is

echter nog niet in werking getreden, het is nog in ontwikkeling.

Wanneer dit keurmerk op de markt is, overwegen wij dit als eis bij

een aanbesteding op te nemen, als dit ertoe zou leiden dat het

ecologisch beheer beter geborgd wordt. Een aannemer zonder het

Kleurkeur is overigens niet per definitie ongeschikt. Onze ecologische

‘pareltjes’, zoals de hooilandjes bij het Reitdiep, worden al jaren naar

tevredenheid beheerd door een ecologisch hovenierbedrijf, met veel

aandacht voor biodiversiteit.

5. Grasvelden, bermen en stroken waar vaker maaien wenselijk is,

omdat ze een bepaald functioneel doeleinde hebben, kunnen toch

bijdragen aan de biodiversiteit door zogenaamde “kortbloeiers” zoals

madeliefjes en klaver aan het zaaimengsel toe te voegen. Dit wordt

wel “nectar onder het maaimes” genoemd. Een voorbeeld van een

door de gemeente beheerd grasland waar zeer weinig kruiden en

bloemen in zitten, is het gras in het Stadspark.

Bent u het met ons eens dat ook grasvelden die meer intensief worden

gebruikt, zo mogelijk aantrekkelijker moeten worden gemaakt voor

vlinders, bijen en insecten? Bent u het met de Partij voor de Dieren en

de Stadspartij voor Stad en Ommeland eens dat de scherpe scheiding

in groenbeheer tussen regulier en ecologisch beheer achterhaald is,

gezien de grote urgentie rondom de afname van vlinders en insecten?

En dat we af moeten van vaste maai- en snoeischema’s? Zie

bijvoorbeeld ook de ingezonden brief van 31 maart 2019.1 Graag een

toelichting.

Maaien is belangrijk, ook voor de biodiversiteit. Wanneer niet

gemaaid wordt, treedt na een paar jaar te sterke verruiging en

bosvorming op en verdwijnen veel bloemplanten en insecten. De maai

frequentie en het moment van maaien zijn eveneens belangrijke

factoren die invloed hebben op de biodiversiteit.

Wij zijn het met u eens dat vaste maai- en snoei schema’s niet overal

wenselijk en nodig zijn. Wij hanteren daarom verschillende typen

maaibeheer. De gazons maaien wij wekelijks; bermen slechts 2 of 3

1 In een ingekomen brief van 31 maart noemt de schrijfster in reactie op de afname van

vlinders en insecten 19 aanbevelingen van een stadsboswachter van Natuurmonumenten

die de biodiversiteit verhogen keer per jaar. Al onze ‘bloemrijke bermen’ maaien wij gefaseerd.

Hierbij laten wij delen van de vegetatie staan, afhankelijk van de

soorten kruiden die er groeien. Een deel van de vegetatie in deze

bermen laten wij de hele winter staan zodat ze als

overwinteringsplaats voor insecten kunnen dienen. Ook in de

gebieden binnen de Stedelijke Ecologische Structuur hanteren wij een

aangepast maai- en snoeibeleid. Er zijn meerdere redenen om voor een bepaald type beheer te kiezen. Soms is bijvoorbeeld vanuit cultuurhistorisch oogpunt een hoge mate

van ‘netheid’ gewenst. In de praktijk zijn er hierdoor duidelijk te

onderscheiden ‘regulier’ en ‘ecologisch’ beheerde gebieden. Het

bloemenmengsel ‘nectar onder het maaimes’ zaaien wij op sommige

plekken in bij regulier gazon. Dit mengsel is in samenwerking met ons

ontwikkeld door zadenkwekerij de Cruydthoek

Gezien de achteruitgang van insecten en het belang van het vergroten

van de biodiversiteit, gaan wij dit mengsel op meer plekken toepassen.

6. Uit de borgschouw 2017 blijkt dat de score voor groen met 6% is

gedaald ten opzichte van het jaar ervoor. Bij de beoordeling van

ecologie gaat het echter om de verscheidenheid van planten en dieren

en niet over ”netheid en verzorging.” In de praktijk blijft het voor

schouwers moeilijk om dit onderscheid te maken en naar wij vorige

week hebben begrepen is het onderdeel ecologisch beheer daarom uit

de Borg verdwenen. Maar in het belang van het kleine dierenleven

moeten we rommeligheid bij alle gemeentelijk en particulier tuin- en

groenonderhoud gaan koesteren en als ideaal verheffen. “Liefdevolle

verwaarlozing”, wordt dit wel genoemd.

Is het college bereid om “netheid” als criterium bij groenbeheer uit

de Borgschouw te schrappen? Zo nee, waarom niet?

Het criterium netheid in de borgschouw heeft betrekking op de gehele

breedte van het beheer in de openbare ruimte; zoals zwerfvuil, schone

goten, vlakke straten en schone containers. Wij vinden deze

uitdrukking in samenhang met de term verzorging goed passen bij

onze ambitie (het beoogde kwaliteitsniveau) voor het beheer en

onderhoud van de openbare ruimte.

7. Is het college bereid om door middel van voorlichting of acties, zoals

een wedstrijd “Onbezorgd Tuinieren”, bewoners te stimuleren tot een

meer ontspannen wijze van tuinieren waarbij het belang van

biodiversiteit centraal staat en niet langer netheid als norm wordt

gezien?

Wij zijn het met u eens dat kleine, lokale maatregelen zeer effectief

kunnen zijn om de biodiversiteit te vergroten. Daarom stimuleren wij

inwoners van onze gemeente om hun tuin en/of balkon te vergroenen

via projecten zoals ‘Operatie Steenbreek’. Ook organiseren wij twee

keer per jaar gratis informatieavonden over natuurlijk tuinieren. Deze

zijn vooral gericht op nieuwbouwtuinen en versteende tuinen waar

mensen een groenere inrichting willen. Belangstellenden kunnen

aansluitend, tegen betaling, een korte cursus van 4 avonden volgen.

De informatieavond en cursus verzorgen wij ook op aanvraag.

Daarnaast geven wij subsidie voor de aanleg van groene daken en zijn

er inmiddels al meer dan 1000 geveltuinen aangelegd. Eenmaal per

jaar kunnen bewoners een gratis een emmer compost ophalen bij een

van onze afvalbrengstations.

Wij vinden het belangrijk om bewoners te informeren over de

bestaande mogelijkheden vanuit operatie steenbreek, over het

ecologisch beheer binnen de gemeente en het verhogen van

biodiversiteit in tuinen. Bij de introductie van het ecologisch beheer

binnen de voormalige gemeente Groningen is aan bewoners uitleg

gegeven over het hoe en waarom van deze wijze van beheer. Dit doen

wij nu ook op locaties waar regulier beheer wordt omgevormd naar

ecologisch beheer.

8. Bent u bereid om mee te werken aan acties van de pollinators zoals de

Nationale Zaaidag op 22 april, waarbij mensen gratis zaden kunnen

halen met bloemen en kruiden die van belang zijn voor vlinders en

insecten en zo ja, hoe?

De pollinators zetten zich positief in voor insecten en zorgen er mede

voor dat de insectenproblematiek onder de aandacht blijft bij het grote

publiek. Wij zetten er op in om, net als de pollinators, zelf bewoners

te stimuleren positieve maatregelen voor insecten te treffen. Dit doen

wij aansluitend op bestaande acties, zoals de jaarlijkse

schoonmaakactie lentekriebels of bij aanleg van geveltuintjes.

Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

Met vriendelijke groet,

burgemeester en wethouders van Groningen,